Gat in de muur dichten
Een klein gat van een spijker of plug vul je in een paar minuten met vulmiddel uit de tube. Een groter of dieper gat in een stenen muur maak je eerst schoon en vochtig, waarna je het zo nodig in lagen opvult met muurvuller of snelgips. Zit het gat in een wand van gipsplaat, dan zaag je het recht uit en schroef je er een nieuw stukje plaat in. Daarna schuur je de plek glad, strijk je hem voor en verf je eroverheen. Werk je in die volgorde, dan is een gat in de muur dichten zo gedaan dat je er na het verven niets meer van ziet.
Welk gat vraagt welke aanpak?
|
Soort gat |
Waarmee je het dicht |
Let op |
|
Gaatje van een spijker, schroef of plug |
Vulmiddel uit de tube |
Glad afstrijken, na droging licht schuren |
|
Uitgebroken plug of gat van een paar centimeter |
Lichtgewicht vuller of muurvuller |
Diep gat in lagen vullen |
|
Groot of diep gat in stucwerk of metselwerk |
Snelgips, daarna muurvuller |
Gat eerst schoon en vochtig maken |
|
Groot gat in een wand van gipsplaat |
Nieuw stukje gipsplaat op latten |
Eerst controleren op leidingen |
Wat heb je nodig?
- vulmiddel: een tube voor kleine gaten, muurvuller of lichtgewicht vuller voor grotere
- snelgips voor een groot gat in een stenen muur
- een smal en een breed plamuurmes
- een scherp mes of afbreekmes
- een borstel of kwast en een plantenspuit
- fijn schuurpapier of een schuurblokje
- voorstrijkmiddel, muurverf en een verfroller
- voor gipsplaat: een stuk gipsplaat, twee latten, gipsplaatschroeven, een rolmaat en potlood, een decoupeerzaag en een accuboormachine
- een leidingzoeker
Een klein gat dichten
Gaatjes van spijkers, schroeven of een uitgetrokken plug dicht je het makkelijkst. Kneed de tube vulmiddel goed door en snijd de spuitmond schuin af. Druk het vulmiddel in het gat en strijk het glad met een vochtig plamuurmes, van het midden naar buiten. Is het droog, dan schuur je de plek licht op tot hij gelijk ligt met de muur.
Een gat in de muur dichten waar een plug is uitgebroken
Een plug die met een stuk muur eruit is gekomen, laat een gat van een paar centimeter achter. Veeg losse stukjes en stof eruit met een borstel en maak de plek vochtig met een plantenspuit of kwast, zodat de vuller goed hecht. Een lichtgewicht vuller zoals Polyfilla One Fill vult volgens de fabrikant een gat tot 5 centimeter in één keer en krimpt niet (bron: Levis). Kijk bij een ander merk op de verpakking hoe diep je in één laag mag vullen. Gebruik je gewone muurvuller, vul een diep gat dan niet in één keer maar in lagen. Laat elke laag goed drogen voordat je de volgende aanbrengt.
Een groot of diep gat in stucwerk of metselwerk
Is het gat groter of zit het diep in stucwerk of metselwerk, vul het dan eerst met snelgips. Dat is een reparatiegips dat snel uithardt en goed hecht op stuc en steen. Werk de laatste millimeters af met muurvuller, zodat je een glad oppervlak krijgt om op te verven. Wil je niet één plek maar een hele muur gladmaken, dan ga je zelf stucen.
Een gat in gipsplaat repareren
Een wand van gipsplaat is hol, dus vulmiddel valt in een groot gat gewoon naar binnen. Daarom maak je het gat dicht met een nieuw stukje plaat. Controleer eerst met een leidingzoeker of er geen kabel of leiding achter de plaat loopt. Loopt er een kabel of leiding vlak achter het gat, zaag daar dan niet en laat de reparatie aan een vakman over. Is je huis gebouwd vóór 1994 en weet je niet waar de plaat van is gemaakt, zaag er dan ook niet in: plaatmateriaal uit die tijd kan asbest bevatten. Laat de plaat eerst onderzoeken door een erkend bedrijf. Zo’n bedrijf vind je via Ascert (bron: Milieu Centraal).
- Zaag het gat met een decoupeerzaag uit tot een nette rechthoek.
- Schuin de randen van het gat af met een afbreekmes.
- Zaag twee latten op maat, 5 centimeter langer dan de lange kant van het gat.
- Steek de latten door het gat achter de plaat, zodat ze aan beide kanten 2,5 centimeter achter de rand vallen. Schroef ze vast met gipsplaatschroeven.
- Snijd een stuk gipsplaat precies op de maat van het gat en schuin ook bij dit stuk de randen af.
- Duw het nieuwe stuk in het gat en schroef het vast aan de latten.
- Plamuur de naden en de schroefkoppen dicht en schuur alles glad als het droog is.
Gebruik echt gipsplaatschroeven. Gewone schroeven kunnen gaan roesten als je de wand daarna afwerkt. Dat geeft vlekken door de verf heen (bron: Gamma).
De plek afwerken en verven
Een gerepareerde plek zuigt verf anders op dan de rest van de muur. Zonder voorstrijken trekt de verf daar ongelijk in en zie je de plek als vlek terug. Strijk hem daarom voor en laat het voorstrijkmiddel goed drogen; hoe lang dat duurt, staat op de verpakking. Daarna verf je eroverheen: rol de verf in vakken nat in nat uit, zodat je geen aanzetten ziet. Hoe je dat aanpakt, lees je in de uitleg over muur verven.
Op dezelfde plek weer iets ophangen
Moet er op dezelfde plek weer een plank of lijst hangen, boor dan bij voorkeur een paar centimeter naast de reparatie in de muur zelf. Gaat dat niet, wacht dan tot de reparatie volledig is uitgehard voordat je er een nieuw gat in boort. Pak de boor die bij het materiaal van je muur hoort; welke dat is, lees je in het overzicht van verschillende soorten boren.
